11 juni 2020

Onzichtbare bacillen

Misschien mag ik van geluk spreken als ik zeg dat Corona voor mij een onzichtbare vijand is. De strijd met die onzichtbare vijand voelt als het wachten op de laatste tram.

Ken je de situatie? Dat je in principe op tijd bij de halte staat, laten we zeggen 1 minuut voor de aankomsttijd volgens de dienstregeling. Het is stil op straat, je bent de enige bij de halte. Het is onduidelijk of de tram al geweest is of niet. Mogelijk sta je op niets te wachten, maar toch blijf je toch staan. Voor hetzelfde geld hoor je straks dat typische getringel in de verte.

De vergelijking loopt al snel scheef, natuurlijk, op zoveel plekken. In dit voorbeeld weet je na 5 of 10 minuten tevergeefs wachten dat de tram niet komen gaat, dat je te laat was en dat er niets anders op zit dan te lopen. Het gaat mij om die onzekerheid in die paar minuten daarvoor.

Sinds de versoepeling van de Corona-regels merk ik dat die onzekerheid steeds groter wordt. Hans, Griezel en Cruella hebben iedereen weer teruggeroepen naar kantoor. Maar ik durf niet, want dan zou ik met het OV moeten reizen en ik weet niet of die mondkapjes iets uit maken. 

Ik heb ze wel besteld, en gemerkt dat het niet makkelijk is om aan mondkapjes te komen. Ze zijn om de haverklap uitverkocht. Ook duurt het lang voordat ze arriveren, wat mij wel goed uitkwam.

"Pas als ik mondkapjes heb, kan ik naar kantoor komen," zei ik tegen Hans.

Ze zijn inmiddels binnen. Ik heb ze even geprobeerd (goeie genade wat warm!) en weer teruggelegd in het doosje. Geeft dat dunne laagje stof voor neus en mond echt genoeg controle over de samenstelling van de wolk onzichtbare bacillen rond je hoofd?

Maar dan nog. Stel nou dat ik de OV-reis overleef en heelhuids arriveer op kantoor. Dan zijn daar de smalle gangen, de kleine liften, de toiletten. Locaties waar met geen mogelijkheid een armlengte afstand gehouden kan worden. Binnen de kortste keren zou mijn lijst van Corona-buddies buiten proporties groeien.

Ik durf niet, besloot ik. 

"Vergelijk het met onbeschermde seks in een verduisterde kamer," zei ik tegen Hans. "Aan het begin van de aidsepidemie in de jaren '80." Ik vraag mij af of die analogie bij hem overkwam.

Onzekerheid, heb ik ergens gelezen, is niets anders dan het gemis van controle. Wanneer de mogelijkheid ontbreekt om jouw perceptie op de wereld zo te maken dat het past bij hoe je zou willen dat die perceptie is, dan ontbreekt het gevoel van controle.

Stel dat dat waar is, dan is controle een illusie. Is onzekerheid dan de realiteit?

9 mei 2020

Rare-vogel-griep

Het is officieel en proefondervindelijk bewezen dat ik niet met mensen om kan gaan. Al die tijd gaf ik Cruella de schuld, dacht ik dat haar gemene opmerkingen een product waren van haar kleine leefwereld waarin geen ruimte is voor mensen van ander pluimage. Zes weken in een ander team heeft mij overtuigd dat het aan mij ligt. Ik hoor nergens thuis. In ieder geval niet op dit kantoor waar iedereen mij raar vindt.

Het grootste gedeelte van mijn energie gaat op aan denkbeeldige gesprekken die ik met mijn nieuwe teamgenoten voer. Als een ware held maak ik ruzie, kom ik op dramatische wijze voor mijzelf op. Andere momenten draait mijn fantasie door en ontstaat er een bloedbad waar Quentin Tarantino jaloers op zou zijn. Geen van dat alles helpt tegen mijn somberheid. Bovendien word ik er moe van.

Liever denk ik aan de persconferentie van 6 mei jl. Wat een opluchting. Nu ietsje meer vrijheid, bij goede berichten stapje voor stapje naar nog meer bewegingsruimte. Is het typisch iets van deze tijden, dat ik zowel de behoefte voel om grappen te maken - de pedicure zal haar Black & Decker  tevoorschijn moeten halen om een deukje in mijn eelt te kunnen maken - als dat ik mijn ogen voel branden door de opkomende tranen?

Twee weken geleden zag ik een vrouw voor het raam van het bejaardenhuis staan. Ze riep iets naar binnen waar de algemene ruimte gevuld was met oude mensen induttend op stoelen. Hoe gaat het? riep ze. Hoe is het met je buurvrouw? Het was een dochter, vermoedelijk, die haar moeder wilde zien, waarschijnlijk. Wat mooi, dacht ik, die onverwoedbare behoefte aan contact.

Zou ze sinds 6 mei haar moeder weer mogen omhelzen? Ik kan het antwoord op die vraag niet zo snel vinden op de officiële website van de Rijksoverheid. Wel staan er tips voor wie zich somber voelt door het Coronavirus. Was dat maar waar, denk ik. Want in dat geval hoef je alleen maar te wachten op een vaccin. Is er ook een website voor wie zich somber voelt omdat hij contact wil met mensen die net zo raar zijn als hijzelf?

30 maart 2020

Met ons gaat het goed

Voor het Polyester-huishouden vergt het huidige beleid niet zo'n enorme aanpassing. We kwamen al niet zo veel onder de mensen.

Verder is niets meer normaal, wat heel snel normaal dreigt te worden.

Mijn dagelijkse wereldreis met de bus, de trein, de tram, de fiets is vervangen voor twee passen naar de keukentafel. Vanmorgen kon ik mij al niet meer inbeelden dat ik ooit zoveel energie verspilde voordat de eerste kop koffie is gezet.  

Het thuiswerken was wennen in het begin. Inmiddels vind ik het ideaal. Saaie vergaderingen zijn geen probleem meer sinds ik weet hoe ik een netwerkstoring moet nabootsen: eerst elk derde woord niet uitspreken, beetje hoekerig bewegen, daarna de camera van de laptop uitzetten en vervolgens de wifi uitzetten. Et voila, een heel uur voor jezelf.

Er zijn dingen waar ik niet aan wen. Online boodschappen doen, bijvoorbeeld. Ik heb mij nooit zo gerealiseerd hoezeer de indeling van een fysieke supermarkt dienst doet als inspiratie voor het bedenken van maaltijden. Om maar te zwijgen over de lekkere kaasjes in de aanbieding, waar je dan zo onverwachts langs loopt en dan pas beseft hoezeer je trek hebt in vette Franse produkten gemaakt van ongepasteuriseerde rauwe melk.

Iets anders waar ik maar niet aan kan wennen, is het wachten. Morgen is er weer een persconferentie van het kabinet waarin nieuwe maatregelen worden aangekondigd.
Gaan de kroegen open?
Mag ik naar de kapper? (Nadat mijn zelf-getondeusde haren weer zijn aangegroeid.)

Dat afwachten, tijd gevuld met vurig hopen op betere tijden, vind ik moeilijker dan 34 dagen geen alcohol drinken.

Waarvan akte.

23 februari 2020

Bron van gratis geluk

Er ligt een lijstje naast mijn toetsenbord:

  • Ingegroeide teennagel
  • Schrikkeljaar
  • Hoop

Het zijn mogelijke onderwerpen voor een blog, opgetekend door een jongere ik in een niet zo ver verleden. 

Ben je nu heel erg opgelucht als ik je vertel dat ik niet meer weet wat ik over die ingegroeide teennagel wilde vertellen? Mijn bedenkingen over het schrikkeljaar ben ik ook vergeten. Ik heb misschien niet het lichaam, maar wel het 'Oost-Indisch geheugen' van een topsporter.

Dan maar hoop. Het is zo precair, zo dun. De hoop dat er ooit een tijd komt zonder Cruella op het werk. De heren boven in de boom hebben besloten dat ik op een andere plek ga werken, bij een ander team. Ver weg van de boze blikken en de giftige opmerkingen van Cruella. Vanaf 1 april, zeggen ze. Maar we weten allemaal hoe dat gaat in het bedrijfsleven.

Als een ontsnappende gangster uit Alcatraz op nog geen tien meter van de kust van San Fransisco voel ik opluchting, maar durf ik nog niet te genieten. Gaat het echt door? Of wordt het uitgesteld?

En dan is er nog de twijfel. Wat als het niet aan Cruella lag, maar aan mij? Wat als in het nieuwe team ook een onaardig sujet zit die het op mij gemunt heeft?

Toch kies ik voor hoop, hoe precair en dun het ook moge zijn. Een maand lang hopen op een betere uitkomst geeft een maand lang vlinders in de buik. Ongeacht wat er daarna gebeurt. Anticipatie is een bron van gratis geluk, heb ik ooit ergens gelezen.

Anticipatie is ook het roze glitterlintje om de ‘Veertigdagentijd’ die a.s. woensdag begint. Zesenveertig lange dagen zal ik mij vrijwillig onthouden van alcohol. Na die tijd is het lente. Een nieuw begin van leven. En wie weet een nieuw begin van werkvreugde voor de oude Benjamin.

30 december 2019

Op de valreep

Ik had mij nog zo voorgenomen om mij dit keer niet mee te laten slepen met de kersthysterie.
Maar helaas. Volgend jaar beter.
Echter, de oud&nieuw gekte laat ik met veel plezier aan anderen over. Voor mij geen groot glitter feest of live concert met de drie G's of J's of K's. Wel pantoffels, huisbroek en DVD. Het is dat ik morgen nog even door de illegale vuurwerk-linie moet om oliebollen te scoren bij de bakker. Anders was ik nu al begonnen met het dicht timmeren van de ramen.
Laten we alvast toasten op een rustig nieuw jaar met veel koude biertjes en lekkere hapjes. Maar vooral op een jaar zonder veel nare dingen, waarin iedereen het naar zijn zin heeft en we weer de weelde hebben om te bloggen over onbelangrijke zaken, zoals het liefdesleven van Mark Rutte. 

Cheers.

9 november 2019

Hippe Polyester

Je hebt gelijk, ik begin er niet meer over. We weten nu wel hoe snel de tijd gaat, meneer Polyester, hoor ik je denken. Hoe doet men dat, regelmatig een stuk schrijven voor een blog? Tips en ideeën zijn welkom.

Eind oktober gaven X. en ik acte de présence op een verjaardagsfeest. Uiteraard was er dat onhandige moment bij binnenkomst. Daar zaten ze allemaal op een rij, dezelfde ooms, tantes, zussen, broers, ouders van dezelfde jarige job als verleden jaar. Ietsje ouder, iets andere teint in het haar, maar onmiskenbaar in dezelfde volgorde op een rij. Geef je een hand of drie zoenen? Zoals bij veel van dat soort sociale uitdagingen besloot ik te doen wat X. deed.

De keuken was kortgeleden gerenoveerd en compleet nieuw ingericht. Voor de grap bestelde ik een cortado voor X en een Latte Macchiato voor mijzelf. Zonder blikken of blozen werd mijn bestelling opgenomen en even later stonden twee zeer professioneel uitziende kopjes koffie voor ons neus. De rest van de avond heb ik mijn grapjas en lolbroek maar aan de wilgen gehangen.

Het gaat goed met Sam en Dave. Nog steeds heel stoer, als ze willen, maar nu even niet. De winter begint een beetje op te komen, dus zijn ze alvast aan het oefenen voor de winterslaap. Ze liggen innig verstrengeld in de warme gloed van de kachel.

En ik? Ik loop door de archieven van mijn brein op zoek naar dat onderwerp waar ik zo graag een blog over wil schrijven. Misschien is het tijd voor een BuJo? Meneer Polyester wordt nog eens hip, hoor ik je denken.

25 augustus 2019

Polyesterlijk aftreden

Als paus Benedictus de 16e zo vrij was om af te treden, dan mag ik stoppen met groepstherapie. Dat heb ik besloten. De opluchting is even groot als mijn besluit een paar jaar geleden dat ik te oud ben om te helpen sjouwen bij verhuizingen. Ik verwarm de soep, smeer de boterhammen. Maar sjouwen, daar begin ik niet meer aan.

Niet dat ik vind dat ik geen psychische hulp meer nodig heb. Eerder het tegendeel. Zo heb ik de therapie afgezegd via de mail omdat ik te laf ben om te bellen. Dat komt door oude trauma's over dingen moeten afmaken en niet mogen opgeven en het niet durven tegenspreken van strenge mensen in autoritaire rollen. Op deze manier blijven die onverwerkt.

Dat moet dan maar. In therapie blijven had mij heel ongelukkig gemaakt.

Ik vond het niet makkelijk om de mail te schrijven, nog enger om uiteindelijk op 'send' te drukken. En wat misschien nog wel het allergriezeligst is, is dat ik geen antwoord heb gehad.

'Stond er een vraag in jouw mail?' vraagt X.
'Nee.'
'Waarom verwacht je dan antwoord?'

Wat een geluk dat ik mijn self-help boeken nog niet heb weggedaan.

Onzichtbare bacillen

Misschien mag ik van geluk spreken als ik zeg dat Corona voor mij een onzichtbare vijand is. De strijd met die onzichtbare vijand voelt als ...